Louis Van Dievel

Met Louis Van Dievel (Mechelen 1953)  krijgt De Boog op dinsdag 11 november een auteur over de vloer die op zijn zachtst gezegd de controverse niet schuwt.
Van Dievel die beroepshalve “een privé-zebrapad versierde om zijn talloze overstappen van de openbare omroep naar VTM en terug, nóg  veiliger te doorstaan –grapje, Louis !” ontpopte zich de laatste jaren tot een volbloed romanauteur.
Na zijn outing als alcoholicus was er zijn roman “Happy Days”, in het herkenbaar decor van zijn woonplaats Kalmthout. Een autobiografisch getinte roman waarin het echter minder goed afloopt met de immer dronken journalist Louis ‘Van Thillo’ dan met zijn bedenker. Een sterk, maar rauw en ontluisterend boek, waarvan de lezer -geheel volgens de bedoelingen van de auteur- ongemakkelijk wordt.
“De man die naast zijn schoenen liep” loopt al dan niet met die schoenen wat de mist in, maar een jaar eerder, én eentje later schrijft Van Dievel met  “Ik  ben de Vuilnisman” en “De Pruimelaarstraat” twee romans, die beiden geïnspireerd zijn op ophefmakende misdaden in België. De eerste over de sinistere seriemoordenaar van Mons, waarbij Van Dievel een alomtegenwoordige verteller in het leven roept, die de levens van de personages becommentarieert aan de hand van hun vuilniszakken. Weer een bikkelharde, maar soms ook hilarische en raak-gevoelige roman noir, zij het vanuit een wrang perspectief. “De Pruimelaarstraat” is eigenlijk de kroniek van de Bonheidense straat waar Van Dievel opgroeide, maar laat die straat nu net gelieerd zijn aan ‘De Vampier van Muizen’, een notoir vrouwenmoordenaar uit de zeventiger jaren…in ieder geval, het boek  wordt goed onthaald, niet in het minst door zijn nominatie voor de Libris Literatuurprijs.
Het splinternieuwe  boek van Van Dievel is een logisch vervolg op “De Pruimelaarstraat”. Het heet “ Een familiegeschiedenis”, met als niet onbelangrijke ondertitel:  “Grotendeels verzonnen en danig opgesmukt”.
Van Louis Van Dievel kan men zeggen dat hij de controverse, en zelfs sensatie zoekt. Maar daarover heeft hij ondertussen zelf ongetwijfeld een ‘second opinion’. En tegelijk wordt je de mond gesnoerd wanneer hij je met zijn vertellingen op sleeptouw neemt. Redenen te over om ook op die kille,  tweede dinsdagavond van november –de slachtmaand-  De Boog met uw bezoek te vereren.